Badges en Naambadges
- badges met of zonder logo
- groothandel voor badges
- bedrukte paperclips met logo
- plastic visitekaartjes
- luxe kwaliteits logo horloges
- wandklok met logo
- bedrukte sleutelhangers
plaatsing
Oefenen
Dus, nu heb je een in stukjes geknipt verhaal in je hoofd en misschien heb je al een idee welk onderdeel je in welke stijl gaat vertellen. Nu is het tijd om te oefenen en dat begint met:
Inleven
Om een verhaal levendig over te brengen moet je het tijdens het vertellen 'beleven'. Dit is ook de reden waarom een verteller zich niet kan bezighouden met 'wat komt er straks ook al weer'. De verteller is zich sterk bewust van de personages en omgeving in zijn verhaal.
De omgeving
Als verteller ben je in de omgeving van je verhaal, je ziet hem. Je weet dus ook wat zich waar bevindt. Als iets hoog in een boom is, kijk dan omhoog. Ben je een groot personage en praat je tegen een kleiner personage, kijk dan omlaag, naar de plaats waar het kleinere personage zich bevindt. Let vooral ook op waar je staat, de omgeving is een vast gegeven. Vertel jij je publiek dat hier een deur is, dan 'zien' zij die deur ook, loop er nooit doorheen zolang hij dicht is. Dit geldt zolang je het personage bent, maar ook als je bijvoorbeeld even terzijde verteld.
Oefening
Sluit je ogen en neem de plaats in gedachten waar je verhaal begint. Wat hoor je... Hoe ruikt het... Laat dit drie minuten op je inwerken en beschrijf dan in detail waar je je bevindt en hoe het daar is.
De personages
Leef je ook grondig in in je personages. Ga je vertellend spelen, zorg dan dat de houding en motoriek van je personage klopt. Is je personage zelfverzekerd? Borst vooruit! Arrogant? Neus de lucht in! Hoe is de manier van spreken, ga nooit stemmetjes doen, dat hou je niet vol, maar spreek bijvoorbeeld bedachtzaam, opgewonden, uit de hoogte, enzovoorts.
Oefening
Neem een persoon uit je favoriete verhaal en laat de psychiater in je op hem los. Is hij introvert of extravert? Wat zijn zijn principes, talenten, gebreken? Hoe is zijn postuur? Verzin nu een houding die je personage goed past. Vertel een stuk van het verhaal vanuit deze personage. Kies een ander personage en doe hier hetzelfde mee.